
De klok aan de wand slaat de eerste van twaalf. Ze strijkt nog snel een vouw uit het tafellaken, loopt naar de hoek van de kamer en richt haar blik op de deur. Haar klamme handen glijden langs haar rokje en blijven daarna op haar bovenbenen rusten. In de hal tikken de hakken van zijn schoenen op de stenen vloer.
De klok slaat haar elfde slag. Nog twee passen, weet ze. Bij de laatste slag gaat de sleutel in het slot. De deur gaat open en de kleine kamer vult zich met zijn geur. Oud zweet overstemd door een parfum dat tegen wc-eend aanschuurt.
Hij blijft in de deuropening staan en kijkt de kamer rond. Zij kijkt mee. Van het bureau, naar haar bed, het aanrecht, de gedekte tafel. Alles ligt en staat goed. Het schrijfblok en de pen, twee vingers van de rand van het bureaublad, evenwijdig aan elkaar, de liniaal exact haaks erop. De studieboeken in het gelid tegen elkaar in het hoekje van het bureau, de stoel aangeschoven, precies in het midden. De lakens op het bed gladgestreken, haar pyjama gevouwen op het voeteneind. Het aanrecht is leeg en glimmend. Zijn blik blijft hangen bij de handdoek. Hij ligt op de grond. Het lusje - stuk.
Hij duwt de toppen van zijn wijsvingers en duimen tegen elkaar, laat de nagels langs elkaar af klikken. Het tikkende geluid schalt door de kamer.
Hij loopt op haar af en blijft een voetlengte voor haar staan. Zijn zwart glimmende schoenen wijzen naar haar blote voeten. Ze houdt haar hoofd gebogen terwijl ze haar handen omhoog brengt, handpalmen naar boven. Hij staart er gaten in, tekent met zijn wijsvinger een cirkel in de lucht. Ze draait haar handen om en kijkt van haar nagels door haar wimpers naar zijn gezicht. Onbewogen, geen rimpeling. Nu ruikt ze ook de weeïge geur van zijn haargel.
Hij legt zijn wijsvinger onder haar kin en duwt die omhoog. Ze opent haar mond, tanden op elkaar. Hij knikt en laat zijn hand weer zakken.
Hij draait zich om, loopt richting tafel en tilt het glas op. Houdt het tegen het licht en draait het vanuit zijn pols. Tergend langzaam draait hij het nog eens. Zet het neer en strijkt met zijn handen langs het mes dat een millimeter naar links schuift.
Als hij haar de rug toekeert om het dienblad in de gang te halen, verslappen haar spieren even.
Hij zet het dienblad op tafel en knikt. Ze gaat zitten. Haar rug recht, voeten tegen elkaar, kin op de borst.
Hij pakt het witte kommetje met pudding op en loopt ermee naar buiten.
'Niet verdiend.'
De deur valt in het slot.
Log in om te reageren
Een intrigerende tekst. Goed geschreven. Alle expliciete angstankers zou ik schrappen: klamme handen, stokkende adem, bonkend hart, opstijgende warmte vanuit haar borst, ineen krimpende buik, opkomende gal. Behalve dat ze vrij cliché zijn, voel ik als lezer de spanning al door de sterke beelden.
De openingsalinea is mooi zintuiglijk beschreven. Haar adem stokt zou ik schrappen, dat zal de lezer er zelf al voelen bij het lezen van het woord wc-eend en dat de geur daar tegenaan schuurt. Ik zou ook het bonkende hart in haar keel schrappen, maar dat is een kwestie van persoonlijke voorkeur. Da...
Hoi Ancenita, Je hebt de opdracht goed begrepen door een scène te creëren waarin de spanning tussen de twee personages bijna tastbaar is, zonder dat er een woord gewisseld wordt. De details die je beschrijft, zoals de klok en de inrichting van de kamer, dragen bij aan de beklemmende sfeer. Je heb...