Casper Simonsen hield de telefoon vast met de lichte walging die men reserveert voor een dode muis. De perzik op zijn bord was tot op de millimeter ontdaan van zijn fluwelen huid.
‘Met Kevin van de Fraudebestrijding,’ kraakte de hoorn. ‘Er is een verdachte beweging op uw rekening, meneer.’
Casper keek naar de schilfers op zijn mes. ‘Een beweging, Kevin? Een dans? Een convulsie? Wees accuraat.’
Er viel een stilte aan de andere kant. ‘Eh, iemand probeert zesduizend euro over te boeken naar een buitenlandse entiteit.’
‘Entiteit,’ herhaalde Casper. Hij proefde het woord. ‘Mager. Je stem trilt in de hogere registers, Kevin. Je gelooft niet in je eigen onwaarheid. Dat is de eerste fout. De tweede leugen is echter de crux: de leugen die je vertelt om jezelf te overtuigen dat je een wolf bent, terwijl je slechts een puppy bent die in de gordijnen bijt.’
‘Meneer, u moet uw geld veiligstellen op een kluisrekening.’
‘Nee,’ zei Casper. ‘Ik ga u onderwijzen. Ik heb achtentwintigduizend euro. Ik ga ze overboeken, maar per drieduizend. Bij elke transactie moet jij me overtuigen dat de wereld werkelijk zo verdorven is als jouw script suggereert. Verhoog de inzet. Geef me retoriek. Geef me passie.’
‘Ik... begrijp het niet,’ stamelde Kevin.
‘Druk op de knoppen, Kevin. Ik heb zojuist de eerste drieduizend overgemaakt. Wat voel je?’
Twee uur later was Caspers rekening een ravijn. De stem van de jongen was getransformeerd van een nerveus gepiep naar een koortsachtige, bijna lyrische overgave. Hij preekte over corrupte systemen en de noodzaak van chaos.
‘Nu de pas,’ zei Casper teder. ‘De fysieke overdracht van de macht. Kom naar mijn portaal.’
Toen de deurbel ging, trof Casper een jongen aan in een veel te groot bomberjack. Zijn ogen schoten alle kanten op, behalve naar Casper. De jongen stak een trillende hand uit.
‘De pas, meneer. Voor de vernietiging.’
Casper overhandigde het stukje plastic als een relikwie. ‘Gefeliciteerd, Kevin. Je hebt zojuist een pensioen geabsorbeerd. Hoe voelt de zwaarte van de tweede leugen?’
De jongen griste de pas weg. ‘Dank u. Echt.’
‘Wacht,’ zei Casper. ‘Controleer je eigen telefoon. De laatste transactie was niet naar de kluisrekening.’
De jongen staarde naar zijn scherm. Zijn mond viel open. ‘Wat is dit? Dit is het rekeningnummer van mijn moeder. Er staat... “Voor de lessen in menselijk falen”?’
‘Ik heb het saldo zojuist teruggestort naar de bron van je bestaan,’ glimlachte Casper. Hij sloot de deur. ‘De bank zal deze fraude nooit vergoeden, want ik heb elke cent met een glimlach geautoriseerd. Ik ben failliet, Kevin, maar jij... jij bent nu een dief die zijn eigen moeder heeft bestolen via een derde partij. Dat is pas literatuur.’
Casper keek naar zijn lege bord. De perzik was bruin geworden. Hij was vrij. Hij had eindelijk een verhaal geregisseerd waarin de leugen de waarheid had opgegeten, en hij had de rekening betaald.
Allereerst wil ik zeggen dat ik het een intrigerend en rijk geschreven verhaal vind. Ik heb het met plezier gelezen :) Toch wringt er iets. Ik merk dat ik Casper moeilijk kan plaatsen. In eerste instantie dacht ik aan een rijke stinkerd, maar ergens heeft hij ook psycho-vibes. Waarom walgt hij van ...