
Het slaperige hoofd van Hendricus stak uit het slaapkamerraam. Hij zwaaide even naar Pieter, mompelde iets dat op goedemorgen leek en sloot het raam weer. Pieter zwaaide zijn lange pordersstok over zijn schouder en liep verder. De stilte van de nacht hing nog tussen de muren van de nauwe straatjes en steegjes. Alleen het klakken van zijn klompen was hoorbaar. Pieter hield van de nacht. Hij wist zich dan klein en voelde zich tegelijk groots. In het schemerlicht van de lantaarns maakte hij plannen voor de toekomst, voor de dag van morgen. Maar de laatste tijd liep hij zijn route met loden benen.
'Goedemorgen Pieter.'
Pieter schrok op uit zijn gedachten.
'He, Cornelis. Ik heb je niet aan horen komen.' Hij keek naar de leren schoenen van de lantaarnopsteker.
'De zaken floreren, zie ik.'
'Mag niet klagen. En jij? Nog genoeg slaapkoppen die van je diensten gebruik willen maken? Hoor dat er steeds meer mensen een wekker hebben.'
'Ja, die rotdingen. Ik kan nu al hele wijken overslaan op mijn route.'
Cornelis nam zijn pet af, krabde door zijn dikke bos haar en knikte meewarig.
'Technische vooruitgang noemen ze dat,' jammerde Pieter verder. 'Al die nieuwigheden verdringen onze banen.'
'Nou de mijne niet, er komen steeds meer lantaarns bij.'
'Ik hoop het voor je,' zuchtte Pieter.
'Moet verder,' zei hij en wees met zijn stok vooruit.
'Ik ook. Tot morgen.'
Pieter gaf geen antwoord. Ontweek de ogen van Cornelis en zette de pas erin.
Nog vier huizen te gaan. Bij Krakeling moest hij meestal naar binnen. Die was niet wakker te krijgen. Zoop te veel 's avonds.
Zijn sleutelbos was de laatste maanden ook flink geslonken. Het loonde zich niet meer met die zeven cent per week voor één voordeur. Vandaag, had hij zich voorgenomen, zou hij zijn laatste ronde lopen. Misschien zijn pordersstok verwisselen voor die van de lantaarnopsteker?
Het laatste huis van zijn route lag net iets buiten het dorp. Hier hoefde hij niet te porren. Stientje wachtte hem in de keuken op met een dampende kop koffie. Ze was al lang en breed aan de dag begonnen als hij zijn hoofd om de deur stak. De deur stond altijd op een kier. Al sinds Mathijs gestorven was.
'Ga zitten Porrie. Stuk brood?'
Hij keek naar haar gulle glimlach. Hoe ze daar stond, met een homp brood, broodmes in de aanslag, meel op haar wang. Haar wilde krullen opgestoken in een ferme knot. Een paar onwillige lokken dansten om haar ronde toet.
Als hij het nu niet deed, wanneer dan wel? Na vandaag was er geen geldige reden meer om hier iedere ochtend bij haar aan tafel te zitten.
'Tong verloren Porrie?', plaagde ze hem.
Zou zij ook van hem...? Hij durfde het zelfs niet te denken.
Hij vond de woorden niet. Kauwde op zijn brood. Volgde haar sierlijke bewegingen. Hoorde haar lachen. Stond abrupt op.
'Moet gaan.'
'Nu al?' Stientje liep achter hem aan. Bleef in de deuropening staan.
Morgen. Morgen, zou hij zijn laatste route lopen.
Log in om te reageren
Heel leuk einde. Eerst nog een klein laatste sprintje waarbij het verhaal een spanningsboogje krijgt met een liefdesverhaal, en dan een terugkoppeling naar het begin dat het toch niet zijn laatste ronde is en de reden is mierzoet. > De stilte van de nacht hing nog tussen de muren van de nauwe stra...
Ik waardeer vooral de sfeer en de manier waarop je die brengt. Ben iets minder fan van de herhaling in de laatste zin, maar een kniesoor...
Ik vind het ritmisch wel fijn klinken. Zou het beter zijn met een extra witregel achter de eerste morgen?
Hoi Ancenia, Sfeervol, warm, licht weemoedig. De details zijn geen franje, maar maken dat de geschiedenis gaat leven. De tegenstelling van het verdwijnende beroep en de belofte van een liefdevolle relatie is sterk.
Leuk verhaal Ancenita. Mooi, hoe je twee verdwenen beroepen erin hebt verwerkt. Het heeft overeenkomsten met het verhaal van Edwin: de invloed van 'vooruitgang'. En ook enigszins met het verhaal van Jan: een verlangen dat misschien nooit wordt uitgesproken. Sfeervol geschreven. Eén puntje waar ik ...
Nostalgie ten top en rake beschrijvingen van de vergane ambachten. Net als bij Edwin, alweer een verhaal met een happy ending van onuitgesproken liefdes. Knap.
Late reactie van mijn kant Gi. Maar nog bedankt voor de jouwe. Ik bloos weer:-)