Ik zit midden in een zin als de deur openzwaait.
'Ha schrijvertje, jij schrijft toch een verhaal over een romance die zich afspeelt in Thailand?'
Voor me staat Lisa.
'Wat doe jij hier?'
'Solliciteren.' Ze laat zich in de stoel vallen. 'Bangkok, toch? Khao San Road, getraumatiseerde expat, lokale gids met daddy issues? Ik las Nora al. Versie drie. Die waar ze zich verdrinkt in de Chao Phraya.'
Mijn vingers trillen boven het toetsenbord. 'Hoe...'
'Depressieve kunstenares. Overspelige advocate. Alcoholiste van de brug. Nu een Thaise gids.' Haar stem is vlak. 'Je hebt me al vier keer vermoord. Ik kom solliciteren voor de vijfde.'
'Je bent niet echt.'
'Bewijs het dan.' Ze leunt naar voren. Die littekens op haar rechterdij, die ik nooit aan iemand heb verteld. 'Die angststoornis die je zo mooi vindt voor karakterontwikkeling? Die heb ik nog steeds. Elke keer dat je me opnieuw schrijft, begint het opnieuw.'
Ik probeer te slikken. 'Ik probeerde je te begrijpen...'
'Bullshit. Je masturbeerde op mijn trauma.' Ze staat op. Loopt naar mijn boekenkast alsof ze hier woont. Haalt de vier eerdere manuscripten eruit, gebonden versies die ik nooit durfde in te sturen. 'Weet je wat het ergste is? Je maakt me steeds mooier. Steeds begrijpelijker. Alsof dat het goed maakt.'
'Lisa...'
'Dus hier is mijn sollicitatiebrief.' Ze gooit de manuscripten op mijn bureau. 'Schrijf me uit, of laat me eindelijk overleven.'
Ze loopt naar de deur. Draait zich om.
'Of erken dat je verslaafd bent. Dat je zonder mijn pijn geen zin meer kunt schrijven. Dat elk nieuw manuscript gewoon hetzelfde personage is met een andere postcode.'
De deur valt dicht.
Ik staar naar het scherm. Nora staat op Khao San Road. Met Lisa's ogen. Lisa's angst.
Mijn vinger hangt boven verwijderen.
Dan scroll ik naar beneden en typ: 'Ze had littekens op haar rechterdij. Niemand wist dat. Nora zou het ook niet weten.'