“Mup, het spijt me. Jij bent, jij blijft mijn grote liefde. Mijn radar love. Dat weet je.”
Vijftig jaar heb ik dit bericht bewaard. Op mijn inmiddels antieke antwoordapparaat, dat het neusje van de zalm was in 1976.
Jarenlang liep ik wekelijks de zolder op om naar dit bericht te luisteren. Ook toen ik al samen was met mijn tweede grote liefde. Want het kan echt, samenzijn met een grote liefde en toch een gebroken hart hebben.
Onze eerste ontmoeting staat in mijn geheugen gezandstraald. Alle clichés bleken waar te zijn, al die onzin waar ik niet in geloofde, van blikseminslagen tot weke knieën, tot liefde op het eerste gezicht. Ik brabbelde alleen maar onzin uit toen jij je voorstelde als mijn nieuwe collega en bij het schudden van mijn hand vlogen de vonken er letterlijk vanaf. Jij glimlachte die beroemde glimlach, diezelfde glimlach die mij gisteren, na vijftig jaar, nog steeds weke knieën gaf. De kraaienpootjes om je ogen zijn dieper, maar je ogen glansden nog steeds net zo ondeugend als toen.
“Ze is zwanger. Ik kan haar niet in de steek laten. En zeker mijn kind niet. Niet na de jeugd die ik gehad heb.”
En daarom hield ik nog meer van jou. Omdat je er alles aan zou doen om te voorkomen dat je kind ongelukkig zou zijn.
Omdat je er alles aan zou doen om te voorkomen dat zij ongelukkig zou zijn. Zij had jou gered, gered van een inktzwart leven vol trauma, mishandeling en pijn. Zij was jouw reddingsboei geweest, en daarom hield ik ook een beetje van haar.
“We zijn elkaar op de verkeerde tijd tegengekomen. Pure pech mup, ik weet niet beter, maar ik had het jou zo anders gegund. Ik wacht op jou, in het volgende leven.”
Die laatste opmerking heeft mij vijftig jaar lang geïrriteerd. Dat was van die flauwekul waar jij heilig in geloofde, ik niet. Dood is dood. Punt.
Je bleef dat tegen me zeggen, in al die jaren dat we contact hielden. Want loslaten, elkaar volledig loslaten, dat konden we niet. Nog zo’n cliché, maar ons leven was gewoon beter met een beetje van elkaar erin, beter dan helemaal niks. Vijftig jaar, en er is nooit iets tussen ons gebeurd, niks meer dan een handje vasthouden en een verdwaalde kus in een mondhoek.
En gisteren zat je daar opeens, voor de seniorenflat, waar mijn kinderen een mooi appartementje voor mij gekocht hebben. “Villa Avondrood”, wie verzint zoiets.
Ik herkende je meteen, ook al is het meer dan dertig jaar geleden dat ik je voor het laatst in levenden lijve zag. Het zijn die ogen van je.
En nu zit ik hier in het gezamenlijke restaurant van “Avondrood” op je te wachten.
Je bent te laat, dat is niks voor jou. Je was altijd stipter dan de atoomklok.
Ik kijk naar buiten en zie het busje van het uitvaartcentrum stoppen.
“Wacht alsjeblieft op me in het volgende leven”, prevelen mijn lippen zacht.
Log in om te reageren
Beste Ine, De opdracht van Tony over berichten op een antwoordapparaat leidt tot een behoorlijke stroom aan LDVD. En verder ook goed en begrijpelijk beschreven. Gelukkig lees ik nog dat "haar kinderen" aanwezig zijn (regelden de plek in Avondrood) zodat de schrijfster blijkbaar nog een eigen leven...
Hi Lukas , Dankjewel voor je commentaar, gelukkig ben je niet terug naar bed gegaan 😂 Maar ik snap wat je zegt hoor, ik ben normaal gesproken ook niet zo van de liefdesverhalen, maar deze borrelde omhoog , een klein beetje autobiografisch, al ben ik pas half zo oud als de hoofdpersoon ☺️. In de tw...
Ik vind het mooi. Je zoekt emotie en je bereikt die ook. Je zou nog iets kunnen schaven aan het bericht en de druppelsgewijze ingave, je maakt ook grote tijdssprongen, maar toch werkt het. Knap gedaan! ZGG
Erg ontroerend Ine. Het einde past heel goed, maar toch zag ik het niet aankomen. Als lezer had ik liever een happy end gezien, maar dit is erg sterk.
Deze beeldspraak heb ik nog niet eerder gelezen. Mooi! Misschien nog een taalkundig dingetje: "brabbelde alleen maar onzin uit". Het w...
Hi Stefan, Dankjewel voor je mooie commentaar , ik hou er inderdaad van om een verhaal te eindigen met een twist ☺️ Je hebt helemaal gelijk , ik had uitkramen in mijn hoofd!