
Nummer 12.
Een jonge vrouw sluit de voordeur terwijl ik parkeer. Ze buigt een beetje voorover om het veiligheidsslot te sluiten dat zich iets onder heuphoogte bevindt.
Daarna draait ze zich om. Haar beweging stokt als onze blikken elkaar ontmoeten. Mijn glimlach stelt haar niet gerust. Ze doet alsof ze zichzelf even bekijkt in het scherm van haar mobiele telefoon, maar maakt een foto. Van mij. Van mijn auto. Vooral van de kentekenplaat.
Ik lach weer. Begripvol.
Ze draait zich nog even om als ze in haar auto stapt, zonder een poging om haar wantrouwen te verbergen. Sterker nog. Ze etaleert het met een strak gezicht en een doordringende blik.
Ze is niet van hier. Niet dat ze me dan zou moeten herkennen, maar haar elegante kleding, de dure leren tas die geschikt is voor een laptop, het gestileerde kapsel, de manier waarop ze loopt, haar Tesla.
Ze heeft geluisterd naar een makelaar die haar heeft verteld dat het huis een goede investering is; dat de buurt - na decennia van verval - hip begint te worden, dat de straat niet meer doodlopend is, dat er nu twee supermarkten liggen. Boven, om de hoek.
Dat er een patisserie is, waar ze op zaterdag- en zondagochtend kan ontbijten met vriendinnen. Dat de laatste bewoners van de resterende huurwoningen de leeftijd hebben bereikt waarop ze binnenkort zullen overlijden of naar een verpleegtehuis zullen gaan.
Ze weet niet dat we hier stoeprandje speelden, dat we in de winter een glijbaan maakten op de stoep aan de overkant waar toen nog geen appartementencomplex stond, maar de basisschool lag.
Het geknal van het vuurwerk waarmee we elkaar bekogelden heeft ze nooit gehoord. De melkboer die zijn ronde deed op dinsdag en donderdag, samen met zijn zoon, de bakkersauto, de groenteboer, maken geen deel uit van haar herinnering.
Ze woont hier wel, maar eigenlijk om te investeren. Over een jaar of vijf, dat heeft ze zich voorgenomen, is het tijd voor een upgrade.
Ik stap uit. Kijk nog even naar het bordje met nummer 12. De makelaar zal haar niet hebben verteld over de vrouw die hier achterbleef nadat haar man te vroeg overleed aan kanker. Dat hij werkte voor een chemieconcern. Dat de jongste zoon tien jaar later neerviel. Speed, cocaïne, alcohol, aneurysma. Dat het lichaam van de oudste zoon het zittend in een stoel begaf na dertig jaar heroïneverslaving.
Ik kijk naar nummer 10 waar de koster woonde met zijn vrouw en twee dochters en een hondje.
Ik passeer 14. Een kinderloos echtpaar met twee auto's, herinner ik me. Omdat zij ook werkte. Wat moest ze anders?
Nummer 16 met de garage waar we een honk maakten met oude banken en een gejatte stereo-installatie.
De buren op 18. Buitenbeentjes met viool- en pianomuziek.
Nummer 20. Een mijnongeval en een ontspoorde weduwe beitelden me uit graniet.
Log in om te reageren
Ha Angus, De hoofdpersoon kan niet (zeker) weten of de vrouw een foto maakt of zichzelf bekijkt. Ook kan je haar binnenwereld, als ze gerustgesteld is niet zien. Later klopt het perspectief wel. (Waar ze het etaleert met een strak gezicht en doordringende blik.) Mooie details zoals de laptoptas en h...
Wauw, Angus, de straat en zijn bewoners van weleer heb je met krachtige penseelstreken op mijn beeldscherm gekwakt, evenals de Tesla-rijdster. Jaloersmakend en toch een genot om te lezen.
Hoi Angus, Jouw verhaal "De straat" voldoet uitstekend aan de uitdaging "De terugkeer". Je hebt op een mooie manier de contrasten tussen het verleden en het heden weergegeven, en de emotionele impact van de herinneringen is duidelijk voelbaar. De manier waarop je de transformatie van de buurt besch...
Hallo Angus, De geschiedenis van de straat komt volledig tot leven voor mij. De nieuwe geschiedenis die zich aan het vormen is staat ermee in schril contrast. Goed geschreven.
Dank voor je reactie Ancenita.