‘Het heet nu saliegroen, meneer, niet gewoon grijs.’
Ik staarde naar de deur van nummer 86. De bladderende, bordeauxrode lak waar mijn vader dertig jaar lang tegenaan had geleund terwijl hij zijn shagje rookte, was verdwenen onder een laag matte, pretentieuze perfectie.
‘Ik zocht de familie Jacobs,’ zei ik. Mijn stem klonk te hard in de gedempte straat. Vroeger klonken hier stuiterende voetballen en Turkse radio. Nu hoorde ik alleen het suizen van een Tesla die aan de laadpaal hing.
De vrouw in de deuropening droeg een linnen schort en hield een biologische pompoen vast alsof het een baby was. Ze glimlachte met tanden die witter waren dan mijn toekomstperspectief. ‘Jacobs? O, de vorige bewoners? Die zijn... verplaatst. Naar een passender zorgomgeving. Wij hebben het pand volledig ontdaan van ruis.’
‘Ruis,’ herhaalde ik. Ik keek naar de stoep. De barst in de tegel waar ik mijn knie als achtjarige had opengehaald, was dichtgesmeerd met glimmend beton.
‘De buurt knapt enorm op, vind je niet?’ Een man met een knotje en een peperduur horloge kwam naast haar staan. ‘De sociale cohesie is nu veel... curatiever. We hebben zelfs een gezamenlijke WhatsApp-groep voor de moestuinbakken.’
‘Sociale cohesie,’ zei ik, terwijl ik mijn handen in mijn zakken duwde. ‘Er woonde hier een vrouw op de hoek. Mevrouw Güler. Ze deelde altijd baklava uit als het Suikerfeest was.’
De man lachte kort, een droog geluidje. ‘Die bakkerij? Dat is nu een conceptstore voor ergonomische kinderschoenen. Heel duurzaam. Die oude mevrouw kon de nieuwe erfpacht niet echt... bijbenen, geloof ik.’
Ik keek de straat in. Elke gevel was gezandstraald. De rafelranden waren weggeknipt, de littekens weggebotoxt. Het rook hier niet meer naar uitlaatgassen en goedkope wasmiddel, maar naar etherische oliën en morele superioriteit.
‘Wil je anders een haver latte? We hebben een bonenabonnement,’ bood de vrouw aan.
‘Ik ben niet teruggekomen voor koffie,’ zei ik. ‘Ik dacht dat ik naar huis ging.’
‘Huis is een gevoel, toch?’ antwoordde ze, terwijl ze de deur al een stukje dichttrok. ‘En we hebben het hier eindelijk veilig en schoon gemaakt. Dat wil iedereen toch?’
Ik keek naar mijn eigen schoenen, besmeurd met de modder van de buitenwijk waar ik nu zelf woonde, drie treinhalten verderop. Ik was de ruis.
‘Het ziet er prachtig uit,’ zei ik, en de leugen proefde naar as. ‘Heel curatief.’
De deur viel in het slot met een gedempt, duurzaam klikje. Ik bleef staan op het glimmende beton en besefte dat ik niet de plek was kwijtgeraakt, maar het recht om er te bestaan.
Log in om te reageren
Mannen met een knotje, daar voel ik ook iets bij – niet positief – daar wil ik ook nog eens over schrijven. *** De veranderingen komen soms sterk over. Bijvoorbeeld het contrast met het suizen van de Tesla *** De gedachte voelt voor mij wel iets eentonig. De dosering van contrasten tussen oud en...
Ik zou overwegen de openingszin te schrappen en te beginnen bij zijn gestaar. Suist een tesla ook wanneer hij aan de laadpaal hangt?(ik heb er geen ervaring mee, vandaar mijn vraag ;-) Hoe kan de hoofdpersoon zeker weten dat het om een biologische pompoen gaat. De beelden zijn treffend, toch ook wel...
Trefzekere typering van de buurt, de sfeer (zowel die van vroeger als die van nu) en de personages, heel fijne details en veelzeggend woordgebruik. Het was een genot om te lezen, Michael!
Hoi Michael Vonk, Je verhaal "Coconrecht" sluit naadloos aan bij de opdracht. Je hebt de veranderingen in een bekende omgeving treffend verwoord en de onderliggende emoties goed overgebracht. De sfeer en details dragen bij aan de kracht van je narratief. Misschien kon je ergens een verassing inbou...
Mooi! Je verhaal is fijn geschreven, rijk aan details en ik vind het haakje terug naar de ruis ("Ik was de ruis") goed gevonden. Ik heb het graag gelezen :)
Het contrast kon niet groter zijn. Goed uitwerkt. De eerste zijn mag wat mij betreft weg, roept verwarring op. De tweede alinea is schitterend. Het beeld dat je oproept, raakt. Het taalgebruik en het verloop van het gesprek zijn niet natuurlijk, maar omdat het zo over de top is, wel karikatu...