
Frank zit in zijn tuinstoel. Een glas bier op de grond, afgedekt met een viltje.
Achter de schutting haar stem. Ze loopt heen en weer, een hand aan haar oor.
‘Ja, ik weet dat hij hard werkt.’
‘Dat zeg ik niet, maar hij is er bijna nooit, en als…’
‘Nee, niks.’
‘Gewoon, laat maar.’
‘Negenendertig. Oud hè? Volgend jaar afgeschreven.’
‘Maakt niet uit. Ik hoor het wel.’
Voetstappen. De hordeur klapt.
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Frank staat bij het raam. Door de kieren van de schutting ziet hij haar. Sigaret tussen haar vingers, één knie opgetrokken. Een slipper hangt aan haar voet.
Ze blaast rook uit. Haar hand blijft even hangen bij haar gezicht.
Ze draait haar hoofd. Hij beweegt niet.
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Op een dag staat ze voor zijn deur.
‘De kraan lekt.’
Hij pakt zijn gereedschapstas en loopt mee. In de keuken draait hij de kraan open en dicht.
‘Leertje,’ zegt hij.
Hij draait de hoofdkraan dicht, schroeft de kraan los.
Water langs zijn pols.
Hij haalt een ringetje uit zijn doosje.
‘Zo.’
Ze leunt tegen het aanrecht. ‘Koffie?’
Ze praten. Over werk. Over het weer.
Daarna vaker.
Soms raakt ze zijn arm als ze lacht.
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Hij zet een ladder tegen de gevel.
‘Kijk je uit,’ zegt ze beneden.
Hij klimt naar binnen, loopt door de slaapkamer. Een glas water op het nachtkastje. Een boek met een ezelsoor. Kleding over een stoel.
‘Frank?’
Hij gaat naar beneden en opent de voordeur.
‘Mijn held,’ zegt ze.
Ze pakt de sleutel van een haakje.
‘Ik vergeet alles.’
‘Kan gebeuren.’
‘Kom je morgen eten?’
Hij knikt.
~~~~~~~
Ze eten pasta en drinken wijn.
‘Het is raar,’ zegt ze. ‘Dit huis. Het voelt niet van mij.’
Haar hand ligt dicht bij de zijne.
‘Soms voelt het alsof ik…’
Ze zegt niets meer.
Bij de afwas raken hun vingers elkaar.
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
In de gang pakt ze zijn pols. Hij beweegt niet meteen. Dan laat hij zich meetrekken.
Boven knipt ze een lampje aan.
Ze draait zich om. Kijkt hem aan.
Hij legt zijn hand tegen haar kaak.
Ze sluit haar ogen.
~~~~~~~~~~~~~~
De volgende ochtend ligt er een envelop tussen de post.
Zijn naam, geen postzegel.
Hij leest.
Vouwt de brief.
Steekt hem in zijn vestzak.
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Even later staat hij bij de schutting. Zijn hand in zijn vestzak.
Hij zet een ladder tegen de muur.
De ladder helt een beetje.
Mooie schets weer, deze keer over de toenadering tussen een buurman en buurvrouw. Ik ben wel benieuwd… maar ja daar ga je toch niets over zeggen hè? 😊